VAKANTIE 2

Huisdier mee op vakantie


Op reis
Als je van plan bent je huisdier mee op vakantie te nemen, is het goed om vooraf bij je vakantieadres te informeren of huisdieren welkom zijn. Vraag dan ook meteen naar de regels rond hun aanwezigheid. Bij een reis naar het buitenland moet je rekening houden met de reisduur, het klimaat en de conditie van je huisdier. Sommige huisdieren kunnen bijvoorbeeld niet tegen autoreizen of te hoge temperaturen. Houd er rekening mee dat sommige dieren erg aan huis gehecht zijn; die doe je geen plezier met een uitstapje naar het buitenland.

 

Over de grens met je hond, kat of fret

Voordat je je dier mee de grens mag overnemen, moet het voldoen aan een aantal wettelijke eisen. Deze eisen kunnen per land verschillen. Onder het kopje 'Europees dierenpaspoort' staat een opsomming van de belangrijkste eisen voor reizen met je hond, kat of fret binnen de EU. Voor honden, katten en fretten is er namelijk regelgeving opgesteld. Kijk daar van tevoren goed naar. Zo accepteren het Verenigd Koninkrijk, Ierland en Malta alleen de chip als identificatiemiddel, een tatoeage of een halsband met adresgegegevens volstaat daar dus niet. Elders op de website vind je niet alleen een volledig overzicht van eisen die voor reizen naar landen binnen de EU gelden, maar ook voor reizen naar landen die nìet tot de EU behoren.

Aangehouden
Als de papieren van je gezelschapsdier niet in orde blijken te zijn, kan de douane het dier “aanhouden”. Het kan zijn dat je dier dan in quarantaine moet, totdat het voldoet aan de gezondheidsvoorschriften. De douane kan ook beslissen het dier terug te sturen naar het land van herkomst. Je dier gaat in dat geval terug naar Nederland. Als quarantaine of terugsturen geen opties zijn, kan in het uiterste geval het dier geëuthanaseerd worden. Alle extra kosten zijn voor rekening van de eigenaar van het dier. Neem dus geen risico, zorg ervoor dat de papieren van je huisdier op tijd geregeld en in orde zijn.

 

Meebrengen van dierziekten uit het buitenland

Het LICG heeft een folder uitgebracht over dierziekten uit het buitenland.Deze folder geeft uitgebreide voorlichting voor mensen die de hond of kat meenemen naar het buitenland over de gevaren van ziekten die in Nederland niet of nauwelijks voorkomen. U kunt de folder als pdf downloaden.

 

Europees dierenpaspoort voor honden, katten en fretten

Voor het reizen met honden, katten en fretten binnen de EU gelden sinds 3 juli 2004 de volgende eisen:

  • Alle honden, katten en fretten hebben een EU-paspoort nodig als zij op reis gaan naar het buitenland. De Nederlandse versie van het EU-paspoort wordt uitgegeven door de dierenarts.
  • Alle honden, katten en fretten moeten zijn ingeënt tegen rabiës (hondsdolheid). Dit moet de dierenarts doen, hij maakt dan meteen een aantekening van de enting in het paspoort.
  • Eigenaren zijn verplicht een identificatie bij hun dier te laten aanbrengen. Het Verenigd Koninkrijk, Ierland en Malta accepteren uitsluitend de chip als identificatiemiddel. Vergeet niet het chipnummer en je adresgegevens bij een databank te laten registreren.
  • Wie zijn hond, kat of fret op vakantie meeneemt naar het Verenigd Koninkrijk, Ierland, Malta of Zweden moet een aantal maanden voor vertrek een verplichte bloedtest laten afnemen door een dierenarts. Ook als je reist naar landen die niet bij de EU horen, kan deze eis gelden.

 

Vaccinaties en andere medische voorzorgsmaatregelen

Officieel is alleen de hondsdolheidvaccinatie bij het overgaan van de grens verplicht voor je dier, maar toch is het verstandig om ervoor te zorgen dat je huisdier goed is ingeënt tegen álle ziektes die kunnen voorkomen. In het buitenland zijn er soms ziektes die in ons land niet (meer) voorkomen. En het zou vervelend zijn als je huisdier daarvan ziek zou worden of, erger nog, dood zou gaan. Ziektes, zoals hartwormziekte, leishmaniose en door teken overgebrachte ziektes, zoals babesiose en de ziekte van Lyme, kunnen in grote delen van Europa worden opgelopen. Bescherm je huisdier hier dus tegen. Ook zijn er ziektes die dieren kunnen doorgeven aan mensen. Deze ziektes worden ook wel zoönosen genoemd. Een voorbeeld daarvan is besmetting met de vossenlintworm: via de ontlasting van besmette honden en katten kunnen ook mensen hiermee besmet worden en ernstig ziek van worden. Voor meer informatie hierover kun je altijd terecht bij de dierenarts. Ook elders op deze website en op www.licg.nl gaan we dieper op een aantal van deze ziektes in.

 

Hondsdolheid niet alleen bij honden!

In het algemeen moet de inenting tegen hondsdolheid minstens 21 dagen vóór de reis worden toegediend. Sommige landen eisen dat deze vaccinatie nog eerder wordt gegeven. Let erop dat niet alleen honden, maar ook katten en fretten die de grens overgaan tegen deze ziekte moeten worden ingeënt. Voor dieren die jonger zijn dan drie maanden op het moment dat de reis begint, gelden meestal afwijkende regels. Informeer bij je dierenarts. Specifieke informatie per land is na te lezen op www.licg.nl.

 

Verboden mee te nemen: je hond!

Niet alle hondenrassen mag je zomaar op vakantie meenemen. Er zijn landen die extra eisen stellen aan het reizen met honden van bepaalde rassen. Sommige landen verbieden zelfs bepaalde hondenrassen. Een bekend voorbeeld is de Pitbull: deze mag in veel landen niet mee op reis. In Frankrijk zijn ook de Staffordshire Terriër, Mastiff, Boerboel, Tosa en Rottweiler niet welkom. In Duitsland moet elke hond die zwaarder dan 20 kilogram en groter dan 40 centimeter is altijd aangelijnd zijn. De eigenaar moet ook een muilkorf voor deze dieren bij zich hebben. In Italië (in openbare gelegenheden) en Oostenrijk (in het openbaar vervoer) geldt een aanlijn- en muilkorfplicht. Houd dus de aanvullende eisen van je vakantieland goed in de gaten. Vergeet niet te kijken naar de eisen die gelden in de landen waar je met de auto doorheen rijdt! Houd er rekening mee dat de eisen per land wel eens veranderen. Informeer bij je dierenarts of kijk op www.licg.nl.

Konijnen, kleine knaagdieren, vogels, vissen, etc.

Voor vervoer van deze dieren door privépersonen bestaan geen algemene vervoersregels binnen de EU. In veel gevallen is een door de dierenarts afgegeven gezondheidsverklaring voldoende. Voor de laatste regels kun je het beste contact opnemen met de dierenarts, de ambassade of het consulaat van je reisdoel. Zie ook ‘handige adressen en internetlinks’.

 

Reizen algemeen

Zorg ervoor dat je huisdier goed voorbereid op reis gaat. Verzorg je huisdier uitgebreid voordat de reis begint. Zorg er bijvoorbeeld voor dat de nagels netjes geknipt zijn. Maak het je dier onderweg zo comfortabel mogelijk. Je huisdier krijgt tijdens de vakantie met allerlei veranderingen te maken, zoals een nieuwe omgeving en een ander klimaat. Het is daarom aan te raden om eigen (dieet)voer mee te nemen: niet in ieder land is het (merk) voer, waar je huisdier aan gewend is, verkrijgbaar. Plotseling van voer wisselen, kan maagdarmklachten zoals diarree bij je huisdier veroorzaken. Let erop dat de houdbaarheid van blikvoer afneemt bij hogere temperaturen.

Het is ook verstandig het telefoonnummer van je eigen dierenarts, het chipnummer en een foto van je huisdier mee te nemen. Wanneer je huisdier bepaalde aandoeningen heeft, is het handig om een briefje mee te nemen met de vertalingen van de officiële naam van deze aandoeningen en de medicijnen. Houd er rekening mee dat medicijnen minder lang houdbaar zijn als het warm is. Controleer of er op je vakantieadres ook een dierenarts in de buurt is.

Neem checklist mee
- Europees dierenpaspoort met daarin het ingevulde inentingsbewijs, de rabiësverklaring en een eventuele gezondheidsverklaring
- Kopie van het registratiebewijs van je dier bij een databank met daarop het chipnummer van je huisdier
- Eigen voer
- Water voor onderweg
- Speeltjes
- Tekenband en tekenpen
- Halsbandje met kokertje waarop je vakantieadres of telefoonnummer vermeld staat
- Een duidelijke foto van je huisdier
- Telefoonnummer van je eigen dierenarts en de gegevens van een dierenarts op de plaats van bestemming
- Eet- en drinkbakken
- Voor honden een mand en/of deken en voor katten een kattenbak en strooisel
- EHBO-box
- Eventueel medicijnen
- Eventueel een muilkorf
- Eventueel een extra riem
- Vlekkenspray voor ongelukjes
- Borstel, shampoo en andere verzorgingsproducten
- Hondenpoepschepje en - zakjes.

 

Onderweg

Wennen aan de auto
Als je huisdier niet gewend is om met de auto te reizen, is het verstandig van tevoren enkele korte ritjes te maken. Zorg onderweg voor een veilige plaats in de auto. Honden kunnen in een reiskennel reizen, maar er zijn ook speciale hondengordels. Deze hondengordels zijn in sommige landen, waaronder Duitsland, verplicht! Laat de hond er van tevoren aan wennen. Zet de hond niet voorin op de bijrijdersplaats, als daar een airbag zit. Een kat kun je het beste in de reiskooi houden. Ze voelen zich dan veiliger en het voorkomt ongelukken. Het los meenemen van dieren is gevaarlijk. Denk bijvoorbeeld aan de gevolgen van een botsing, het ontsnappen van je huisdier of een dier dat onder je pedalen kruipt!

Eenmaal in de auto
Tijdens een autorit mag het niet te warm worden voor je huisdier. Veel moderne auto's zijn voorzien van airconditioning, waardoor de temperatuur prettig blijft. Let wel op dat je dier niet op de tocht zit. Heeft de auto geen airconditioning, zorg dan dat er voldoende frisse lucht bij je huisdier komt. Maar laat je dier niet zijn hoofd uit het raam steken tijdens het rijden. Dit is gevaarlijk en er is kans op oog- en oorontsteking. Op de ramen kun je zonwering doen: zo houd je de zon uit de auto. Stop regelmatig om je huisdier te laten drinken. Laat je dier nooit zonder toezicht achter in de auto. De temperatuur kan binnen een paar minuten oplopen tot meer dan 50°C, zelfs in de schaduw! Bedenk ook dat de zon draait: een auto die eerst in de schaduw stond, kan na een tijdje volop in de zon staan!
Twee uur rijden – een kwartier rust
Als je hond meegaat, stop dan om de twee uur om het dier even uit te laten. Ook een kat, fret of ander dier heeft op tijd een rustpauze nodig. Als je je dier moet uitlaten, maar dit onderweg niet mogelijk is, kun je de reis beter in kortere stukken opdelen. Voer je huisdier op de normale tijden en neem vers water mee. Op sommige vakantiebestemmingen is kraanwater niet geschikt om te drinken. Als je huisdier niet tegen autorijden kan, maak dan geen lange autoritten. Kan het niet anders, overleg dan tijdig met de dierenarts. Er zijn tabletjes en een spray tegen reisziekte te koop, je dierenarts kan je hier meer over vertellen.
Vliegtuig
Als je met het vliegtuig op vakantie gaat, is het mogelijk om je huisdier mee te nemen. Als je vanaf Schiphol vliegt, moet je je huisdier van tevoren afgeven bij het dierenhotel van KLM Cargo. Hier wordt hij opgevangen door speciaal opgeleide dierenverzorgers. Je huisdier verblijft tijdens de vlucht in een speciaal gedeelte van het vliegtuig en is daar in prima handen.
Sky kennel
In het vliegtuig moet je hond of kat in een sky kennel. Op die manier reist hij veilig en comfortabel. De kennel moet aan bepaalde voorwaarden voldoen en is verkrijgbaar in verschillende maten. Let erop dat je de juiste maat kennel hebt. Je huisdier moet met gemak kunnen staan, liggen en zich omdraaien. Maar koop hem ook niet te ruim, want dan is hij minder veilig. Honden met een stompe neus kunnen wat sneller problemen met de ademhaling hebben. Daarom is het voor dit soort honden beter om een iets grotere kennel te nemen. De sky kennels zijn onder andere verkrijgbaar bij sommige grotere dierenspeciaalzaken. Lukt het daar niet, informeer dan eens bij gespecialiseerde vrachtagentschappen. In principe moet elk dier in een eigen kennel. Kittens en puppies mogen soms samen in één kennel. Houd er wel rekening mee dat je hond of kat ouder moet zijn dan tien weken om te mogen vliegen.
Checklist voor het vliegen
  • Zorg ervoor dat de (inentings)papieren en reisdocumenten ruim van tevoren in orde zijn.
  • Controleer wat de wettelijke eisen zijn om je dier mee te kunnen nemen naar het buitenland. Kijk op www.licg.nl.
  • Zorg ervoor dat de sky kennel voorzien is van je eigen gegevens. Vermeld ook de naam en voerinstructies voor je huisdier.
  • Laat je huisdier een paar dagen voor de reis alvast aan de kennel wennen, tijdens de reis voelt hij zich dan meer op zijn gemak.
  • Geef je huisdier 24 uur voor vertrek licht verteerbaar eten. Hij mag wel onbeperkt water drinken.
  • Geef je huisdier liever geen kalmerende middelen om hem tijdens de vlucht rustig te houden. Door de combinatie met de vlieghoogte kan de bloeddruk te laag worden en dat kan levensbedreigend zijn. Als het middel tijdens de vlucht uitgewerkt is, kan je dier bovendien in paniek raken omdat hij niet weet waar hij is.
  • Controleer altijd een dag van tevoren of er geen vluchtveranderingen zijn.
Meer informatie over vliegen
Voor meer informatie over het vervoer van je hond of kat met het vliegtuig kun je terecht op de website van KLM Cargo. Het is mogelijk om met bepaalde luchtvaartmaatschappijen met je hond of kat naar Engeland te vliegen zonder dat het dier in quarantaine moet. Hij moet dan wel aan de  eisen voldoen van het Pet Travel Scheme, oftewel het Huisdieren Reis Schema.
Met je hond het water op
Veel honden vinden het heerlijk om met hun baas mee het water op te gaan. Bereid je hond daar wel op voor. Laat het dier om te beginnen eens snuffelen aan boord en maak eerst een paar kleine tochtjes, totdat het zich veilig voelt. Als je van plan bent om de zee op te gaan, is er meer training nodig.
Aan boord kun je je hond natuurlijk niet zo makkelijk uitlaten. Neem poepzakjes mee om de ontlasting van je hond aan boord of aan wal netjes op te ruimen. Voor dieren die zeeziek worden, zijn er reistabletjes te koop. Lees vooraf wel goed de bijsluiter! Geef je hond als hij last heeft van zeeziekte voor vertrek (bijna) geen eten. Mochten al deze voorbereidingen niet helpen, dan is het verstandiger om je hond niet mee te nemen. Je wilt immers plezier voor zowel jezelf als de hond!
Zwemvest
De meeste honden kunnen zwemmen, maar als je hond overboord valt, is het niet altijd makkelijk om hem er snel weer uit te halen. Geef je hond daarom een zwemvest. Je hond blijft dan drijven en het handvat bovenop maakt het makkelijker om het dier aan en van boord halen. De vesten zijn er voor diverse gewichten en zijn te koop bij de zogenoemde ‘shipshops’ in de havens en bij sommige dierenspeciaalzaken.

Op de plek van bestemming

Accommodatie
Informeer van tevoren of je huisdier welkom is bij de camping of het hotel waar je naartoe wilt en vraag naar de voorwaarden. Als je huisdier in de hotelkamer losloopt, hang dan een ‘niet storen’-bordje op de deur. Laat de schoonmaker weten dat er een dier op de kamer is. Zo wordt de kans dat het ontsnapt kleiner. Soms is het niet mogelijk je dier los te laten lopen of wil je dit zelf niet. Zorg dan dat je bijvoorbeeld een bench of een kooi voor je huisdier bij je hebt. Kijk ook eens bij de dierenspeciaalzaak. Daar verkopen ze handige producten. Voor honden is er bijvoorbeeld een ijzeren pin te koop, die je in de grond kunt draaien om je hond er aan vast te leggen. Ook zijn er tentjes te koop voor de hond.

Klimaat
Als je je huisdier mee wilt nemen op vakantie, moet je er aan denken dat het op je vakantiebestemming veel warmer kan zijn dan thuis. Voor fretten, bijvoorbeeld, is de temperatuur in de zomer al snel te hoog. Temperaturen boven de 30°C kunnen voor een fret dodelijk zijn. Let erop dat je dier het niet te warm krijgt. Vooral niet-behaarde delen van een dier en dieren met een witte vacht zijn gevoelig voor zonlicht. Zorg voor schaduw, bijvoorbeeld door een parasol neer te zetten, en voor vers drinkwater. Bij de dierenspeciaalzaak zijn speciale opblaasbare bedden te koop die je van tevoren kunt koelen en die vervolgens urenlang koel blijven. Deze zijn trouwens ook prima te gebruiken in de auto!
Oververhitting
Als je huisdier ondanks alle voorzorgsmaatregelen toch oververhit raakt, is het belangrijk om hem zo snel mogelijk af te koelen met water of natte doeken. Geef hem voorzichtig kleine beetjes te drinken en neem onmiddellijk contact op met een dierenarts.

Langeafstandswandelingen

Veel mensen vinden het leuk om een wandelvakantie met hun hond te doen. Als je hond niet gewend is om lange afstanden te lopen, is het belangrijk dat je je hond van tevoren gaat trainen. Hij kan ten slotte niet ineens 30 km per dag gaan lopen. Maak daarom thuis alvast steeds langere wandelingen met de hond. Hieronder enkele tips:

  • Bekijk van tevoren de route om te zien of er beekjes zijn waarin je hond kan afkoelen en waar hij uit kan drinken. Als dat niet mogelijk is, moet je extra water voor onderweg meenemen.
  • In de bergen en bossen mogen honden vaak niet los lopen in verband met schapen en wild. Lijn je hond daarom aan.
  • Je kunt je hond aanleren om zelf een rugzakje te dragen, met daarin zijn eigen voer en drinkwater.
  • Controleer de voetzooltjes regelmatig. Als je hond gauw problemen heeft met zijn voetzolen kun je overwegen speciale schoentjes te gebruiken. Er zijn verschillende soorten beschermhoesjes op de markt. Laat je hond hier al voor de vakantie aan wennen.
  • Controleer aan het eind van iedere dag je hond op teken.
Alles goed met je dier?
Controleer tijdens je vakantie iedere dag of je huisdier lekker in zijn vel zit. Eet en drinkt hij voldoende? Is zijn ontlasting normaal? Ziet hij er gezond uit? Hoe is zijn gedrag? Bij twijfel over de gezondheid van je dier, is het verstandig een plaatselijke dierenarts om advies te vragen.

Je paard mee op vakantie

Als je met je eigen paard op vakantie wilt, zijn er een paar dingen waar je rekening mee moet houden. Trainen en een goede voorbereiding zijn het halve werk. Het is verstandig om van tevoren de hoefsmid te laten komen, zodat je paard weer goed op de hoeven staat. Doe dit niet op het allerlaatste moment, omdat sommige paarden even moeten wennen als ze net bekapt of beslagen zijn.

Wetgeving
Als je met je paard wilt reizen, moet je van tevoren goed weten wat moet, wat mag, en wat niet mag. Blijf je binnen Nederland, dan moet je paard gechipt zijn als het ouder dan zeven maanden is. Het chipnummer moet in zijn paspoort staan. In het paspoort moet ook een beschrijving van het uiterlijk van je paard (exterieurbeschrijving) staan. In het buitenland is de chip nog niet overal geaccepteerd en is deze beschrijving soms het enige identificatiemiddel.
Ga je naar andere EU-landen dan heb je, met uitzondering van België en Luxemburg, naast een paspoort ook een gezondheidscertificaat nodig. Het paard moet hiervoor gekeurd worden. Het gezondheidscertificaat is tien dagen geldig en wordt uitgegeven door de Voedsel en Waren Autoriteit (klikken op algemene instructie levende paardachtigen vanuit Nederland). Blijf je langer in het buitenland, dan moet je het daar laten verlengen. Voor het meenemen van je paard naar landen die niet tot de EU horen, kunnen er aanvullende papieren en importeisen zijn. Omdat regels kunnen veranderen, moet je op tijd kijken aan welke eisen het transport van je paard moet voldoen! Vraag dit na bij je dierenarts of de ambassade of het consulaat van het land van bestemming.
Onderweg
Met een trailer of vrachtauto mag je minder hard rijden. Daardoor ben je langer onderweg. Volgens de wet moet je na acht uur reizen minstens één uur stoppen, zodat je het paard kunt laten drinken en eventueel wat kunt voeren. Vaker stoppen mag uiteraard ook. Het is niet veilig om paarden langs de weg uit te laden en dat is ook niet nodig. Als je langer dan 24 uur onderweg bent, is het verplicht om een rustpauze van acht uur te nemen, de paarden uit te laden en ze ergens onderweg te laten overnachten.
Checklist
Behalve een paardenpaspoort en gezondheidscertificaat, moet je onderstaande dingen niet vergeten mee te nemen:
- Eventuele verzekeringsbewijzen van je paard
- EHBO-box
- Voer voor de hele reis- en vakantieperiode
- Hooi voor onderweg
- Water- en voeremmers
- Telefoonnummers van dierenartsen onderweg en op de plaats van bestemming
- Adres van een hoefsmid in de buurt van je vakantiebestemming
- Telefoonnummers Nederlandse ambassade resp. consulaat in land van bestemming.
 
Dierenartsenpraktijk de Wolden, Powered by Joomla!; Joomla templates by SG web hosting